Bezoek Mwanza 2010

Bezoek Mwanza November 2010

Op zondag 21 November om 20.40 vertrekken ik en mijn partner Willem Melissen vanaf Schiphol naar Nairobi. De nachtvlucht verloopt prima en om 7.00 (twee uur later dan Nederlandse tijd) komen we aan. We hebben gelukkig al elektronisch ingecheckt en kunnen dus meteen door naar de vlucht naar Mwanza (Tanzania) met Precision Air die om 8.30 vertrekt. Dit is een uitzonderlijk goede aansluiting, zo zijn we in zeer korte tijd op de plaats van bestemming.

Maandag 22 November 2010

Op het vliegveld van Mwanza aangekomen staat Zr Anna-Brigitta al te wachten. Anna-Brigitta is een van de laatste Nederlandse witte zusters die er nog zijn in Afrika. Zij woont al 45 jaar in Tanzania, is met haar 75 jaar nog erg fit en heeft het nog steeds geweldig naar haar zin. Zr Corrie Vork waarmee ik in 2001 in contact kwam woonde met nog een andere zuster samen in een huis met Ann-Brigitta. Zoals u al eerder op de site gezien heeft is Corry sinds 2007 weer permanent in Nederland. Ook zij woonde daar ruim 40 jaar. We hebben nog steeds contact met haar, ze woont in Boxtel.

foto-bezoek-nov-2010-1

We rijden vanaf het vliegveld door de stad naar huis en zien dat er in ruim een jaar weer veel is veranderd. Veel kantoorgebouwen zijn er bijgekomen en de stad is weer drukker. Aangekomen bij het huis van Anna-Brigitta is het koffiedrinken en spullen uitpakken die we altijd meebrengen. Etenswaren zoals kaas, ham en nog van alles en nog wat worden uitgepakt. Anna-Brigitta is een echte kokkin namelijk.

We hebben in het vliegtuig nauwelijks geslapen en we zijn dus behoorlijk moe. Anna-Brigitta brengt ons naar ons hotel vlak in de buurt. In de avond zullen we bij haar gaan eten. We spreken af dat we de volgende dag (dinsdag) weer met haar mee zullen gaan naar het leprakamp waar zij elke dinsdag voedsel en zeep brengt.

Dinsdag 23 November

Om 8 uur pikt Anna-Brigitta ons op. We rijden ongeveer een uur naar Bukumbi waar het leprakamp is. Hier wonen de leprapatiënten ver van de stad. Het zijn letterlijk de melaatsen van de samenleving en ze wonen vaak al jaren in dit kamp. Daarnaast wonen er ook enkele albino’s. Ze zijn niet veilig in de stad en er zijn er al enkele vermoord en gevild vanwege de zogenaamde geneeskrachtige eigenschappen van hun huid.

Ze overlijden vaak vroeg aan huidkanker. Ook nu is een van deze albino’s ernstig ziek en zal binnenkort overlijden. Van overheidswege wordt er weinig gedaan. Anna-Brigitta heeft zich het lot van deze verschoppelingen aangetrokken en brengt al jaren elke dinsdag eten naar het kamp. Elke dinsdag is haar Jeep volgeladen met kleine visjes, meel, wat groente, zeep etc.

Alle mensen zitten in groepjes bij hun barak te wachten. Elke keer als we daar weer komen lijkt het een surrealistische film. Ontzettend blij en opgewekt als ze ons zien. Omdat we van verschillende mensen cash geld hadden meegekregen geven we Anna-Brigitta geld om o.a. vlees te kopen. Dat is iets extra’s wat ze normaal niet krijgen. Te duur!!!

We lopen mee langs alle barakken en de daarbij behorende kringetjes met mensen. Het eten wordt uitgedeeld. Soms hebben mensen al een vuurtje van houtskool om te gaan koken. Verder lopen er veel kleine kinderen rond. Vaak alweer kinderen en kleinkinderen van de patiënten. Voor hun hebben we pakjes tarwebiscuitjes meegenomen. Om ongeveer 12 uur vertrekken we naar het Montessori schooltje voor de kinderen in de buurt. Anna-Brigitta heeft dat laten bouwen. Kinderen in hun schooluniformen zingen een lied voor ons en we helpen mee de pap uitdelen die ze tijdens het middaguur krijgen. De kinderen gedragen zich haast overdreven voorbeeldig vind ik. Ontbijt is er vaak niet thuis en dan hebben ze tenminste een fatsoenlijke maaltijd aldus Anna-Brigitta. Ook hier weer de tarwebiscuitjes voor de kids. We gaan door naar een waterproject gemaakt door Nederlanders. Ook hier heeft Anna-Brigitta de organisatie mede in handen. Later drinken we nog even koffie bij een van de weinige Witte Paters Jan Dekkers in Nyegezi en rijden dan terug naar Mwanza.

foto-bezoek-nov-2010-2

Woensdag 24 November

Deze dag wordt besteed om met Msafiri en Michael, de twee coördinatoren van het ShaloomCarehouse, een aantal zaken te bespreken.

Er staan op dit moment 1114 volwassenen met HIV/AIDS ingeschreven in het Shaloom Carehouse en 674 kinderen.

De mensen die een beroep op het huis doen zijn echt arm. Het Shaloom Carehouse geeft maandelijks voedsel aan de mensen die extreem mager zijn (een BMI, Body Mass Index, hebben van 18 of lager). Enkele jaren geleden was dat nog voor iedereen maar dat is door de toename van het aantal patiënten niet meer te betalen. Twee keer per week doet een arts uit het Sekou-Toure ziekenhuis een spreekuur. Daarnaast kan men er zich laten testen op HIV.

De geneesmiddelen tegen de HIV-infectie worden in eerste instantie voorgeschreven door een specialist in een van de ziekenhuizen maar de verstrekking en begeleiding daarna wordt door de verpleegkundigen van het Shaloom Carehouse gedaan. Een belangrijke taak want de patiënten moeten strikt hun medicatie nemen. Verder wordt er medicatie verstrekt voor infecties veroorzaakt door wormen, schimmels, luchtweginfecties etc. Huisbezoeken worden gedaan bij de zieken die niet meer zelf kunnen komen naar het Shaloom Carehouse. Ook zijn er voor de patiënten bijeenkomsten waar ze lotgenotencontact kunnen hebben.

Voor de jongeren is er het Shaloom Youth-House. Hier komen wezen of kinderen van zieke en arme ouders (meestal alleenstaande moeders). Deze kinderen worden geholpen met schooluniformen, schoolboeken, etc. Voor hun is er dit jeugdhuis, waar ze ook terecht kunnen voor ondersteuning van huiswerk, computerles en jongeren bijeenkomsten. Voor de kleintjes is er spelen en dansen. Voor de groteren (12-18) is het juist het uitwisselen van ervaringen maar ook wordt er voorlichting gegeven over veilig vrijen. Mechtilda en Desdery zijn de twee onderwijzers die hier werken.

Donderdag 25 november

Vandaag vertrekken we met het team naar Kayenze, gelegen aan het Victoriameer ongeveer 50 km van Mwanza. In het kader van de komende Wereld-AIDSdag kunnen de mensen zich hier vandaag laten testen op HIV. Verder is er veel muziek en is er o.a een danswedstrijd voor kleine kinderen.

Het hele dorp is uitgelopen!

Er wordt een tentje opgezet waar mensen eerst een gesprekje krijgen met Zr Johanna om de consequenties van de test te bespreken en daarna krijgen ze een nummertje om zich te laten prikken. Alle mensen worden geregistreerd. We merken weinig van schaamte bij de mensen t.o.v. andere dorpsgenoten om zich daar te laten testen.

Ik prik die ochtend twee uur mee. Er komen veel mensen op af. Er worden 140 mensen getest waarvan er later 16 geïnfecteerd blijken. Dat is toch een behoorlijk aantal. Ze worden allemaal geïnformeerd over de mogelijkheden voor behandeling in het ziekenhuis in Mwanza. In de praktijk is het voor veel arme mensen niet zo simpel om helemaal naar Mwanza te reizen.

‘s Avonds eten en we met Msfari, Michael en Edina. Zij is de meest ervaren verpleegkundige van het Shaloom Carehouse en behoort tot de staf. Zo kunnen we in een ongedwongen sfeer de voortgang van het Shaloom Carehouse bespreken.

foto-bezoek-nov-2010-3

Vrijdag 26 November

Vanochtend heb ik een afspraak met Dr Kanenda in het Bugando hospital. Dit is het universiteitsziekenhuis van Mwanza. Het is een groot ziekenhuis met 1200 bedden. Ze hebben hier 10.000 patiënten met HIV/AIDS onder behandeling!!!Ik heb hem gevraagd of ik een spreekuur mee kan lopen.

Vijf artsen doen de hele week spreekuur. Ik zie een aantal patiënten mee in de spreekkamer. De meeste mensen hebben anti-HIV medicatie, die wordt vanuit overheidswege gegeven. De controles bij de mensen zijn heel anders dan bij ons in Nederland. De bepaling om te zien of de medicijnen goed het virus onderdrukken wordt bijna niet gedaan, te duur! Bij veel patiënten is de armoede een probleem, ze kunnen daardoor niet aan voldoende voedsel komen. Daarnaast speelt er ook veel sociale problematiek. Werkeloosheid, vrouwen die hun man al hebben verloren aan AIDS of in de steek zijn gelaten omdat ze HIV hebben. HIV is een taboe en lijdt vaak tot uitstoting in de familie.

Na het spreekuur vraag ik of we nog even de afdeling kunnen zien waar de zieke patiënten liggen die opgenomen zijn. Intussen is Willem ook aangesloten en we lopen naar de afdeling. Het is een enorme drukte in dit ziekenhuis en we worden door Dr Kanenda aan allerlei doktoren voorgesteld. Op de afdeling liggen zieke vrouwen, een ervan, een jonge vrouw van 40, is stervende en er hangt een vreselijke penetrante geur omdat ze in haar eigen uitwerpselen ligt. Ze ligt alleen, geen familie. De verpleegkundige die met ons mee loopt lijkt niet erg aangedaan. We zijn erg onder de indruk.

Zaterdag 27 November

Vanochtend gaat Willem naar het Shaloom Care House en Youth-house. Ik ga deze ochtend op mijn eigen verzoek twee huisbezoeken doen met Edina, de verpleegkundige. Het eerste bezoek is aan de andere kant van de stad. We parkeren onze Jeep en klauteren over de rotsen naar boven. Daar in een van de stenen huisjes woont een jonge vrouw met haar kinderen. Ik zie geen man. Deze vrouw is zeer ernstig ziek. Als gevolg van haar HIV-infectie heeft ze baarmoederhals-kanker. Dat is een complicatie die we vaker zien bij vrouwen met een lage afweer. Bij haar is de kanker ook nog uitgezaaid, zodat ze helaas tendode opgeschreven is. Ze heeft twee kinderen en daarvoor heeft de opvang geregeld door een zus. Het Shaloom Youthhouse zal ook deze kinderen zo nodig ondersteunen.

Vervolgens bezoeken we een oma die voor haar zieke kleinkind zorgt. Ook dit is een zeer tragisch geval. De dochter heeft altijd voor de moeder verzwegen dat ze AIDS had. Helaas was haar kind ook besmet. Het kind is gelukkig onder behandeling in het ziekenhuis en wordt nauwkeurig gevolgd en geholpen door de mensen van het Shaloom Care House. Niettemin is het een erg zware taak voor deze 80-jarige oma!

Willem bezoekt inmiddels het Shaloom Youthhouse. Desderi, de onderwijzer, toont hem de projekten die hij doet met de kinderen. De computerklas en de vakmanklas zijn zijn trots. De kinderen leren hier echt iets.

Zondag 28 november 2010

We gaan samen met Zuster Anna-Brigit op bezoek bij het straatkinderenprojekt van de Nederlandse lekenmissionaris Marga en haar man Hoja. Het ziet er allemaal keurig uit. De 40 kinderen die hier wonen zijn goed gedisciplineerd en gaan vrijwel zonder uiitzondering naar school. Vol trots laat Marga hun eigen huis zien dat in vier jaar tijds met grote moeite gebouwd is. Zij doen ontzettend veel goed werk en wij steunen hun ook wel eens, maar ze hebben een eigen stichting in Nederland die hun weer ondersteunt (Upendo Daima).

’s Avonds hebben we een soort afscheidsetentje bij Zuster Anna-Brigit, waar meer hulpverleners bijeen zijn. Anna-Brigit is voor ons altijd weer een heel belangrijk rustpunt en steunpunt in deze gecompliceerde samenleving.

Maandag 29 november vertrekken we met een voldaan gevoel naar Nederland.